De voetbalavonturen van Morris en Tim (deel 11): Euforie

Geschreven door Johan Staal op . Geplaatst in Morris en Tim

Er zijn van die momenten waarop je als opa met een glimlach achteroverleunt en denkt: ja, dit is een goed idee. Het idee om de voetbalavonturen van mijn twee kleinzoons vast te leggen in een digitaal plakboek begon ooit als een spontane ingeving. Maar zoals dat gaat met herinneringen die je niet wilt laten vervliegen, groeide die ingeving langzaam uit tot een kleine missie. Geen statistiekenboek, geen droge samenvattingen van uitslagen of doelpunten — nee, het gaat me om de momenten ertussenin. De grappen in de auto op weg naar het sportpark. De spanning voor een aftrap. De twijfel of het weer wel goed genoeg zou zijn om überhaupt te spelen. De diepe teleurstelling als de bal nét niet goed viel. En vooral die pure, ongeremde blijdschap wanneer de bal wél achter de keeper belandde. Dat zijn de herinneringen die blijven. Herinneringen die voetbal op jonge leeftijd zoveel méér maken dan alleen een sport. Hoofdstuk tien van dit digitale plakboek draait daarom om euforie — en die kwam deze week uit onverwacht veel hoeken.


morris2  tim 3

Tim – De ochtend van zeven doelpunten

Zaterdag 6 december was een dag die nog specialer voelde dan de gemiddelde voetbalzaterdag. Voor Tim en zijn teamgenootjes van De Heracliden JO7 begon de dag vroeg. De reis ging dit keer naar Stedum, waar de JO7-teams van STEO en Noordwolde de tegenstanders waren. Noordwolde kende Tim al, maar dat gaf de dag alleen maar meer lading. Voor de dan nog 5-jarige Tim was het een drukke periode: Sinterklaas zat nog in zijn hoofd, zijn verjaardag op 9 december kwam er alweer aan, en tussen die bedrijven door moest er ook nog gevoetbald worden. En hoe heerlijk is het voor een kind dat voetbal in zulke weken juist een perfecte afleiding blijkt?

Een week eerder in Engelbert had ik al gezien dat mijn jongste kleinzoon stappen maakte als voetballer. Proberen vrij te lopen, durven duelleren, op doel schieten… alles werd aangedurfd, zonder aarzelen. En in Engelbert viel ook zijn goal, één doelpunt, maar voor mij als opa genoeg om vol trots naar huis te rijden. Want wie ooit zelf gevoetbald heeft, weet hoe magisch dat eerste, tweede of honderdste doelpunt voelt.

Maar in Stedum… daar werd het de ochtend van Tim. De ochtend waarin alles leek te kloppen. Zijn team won beide wedstrijden, 5-1 en 7-2, maar het bijzondere zat vooral in Tim zelf. Want van de twaalf doelpunten die zijn team maakte, nam hij er maar liefst zeven voor rekening.

Zeven goals. In één ochtend. Als je vijf jaar bent.

En ik geef toe: ik ben opa, dus helemaal objectief ben ik niet. Maar zeven keer scoren in een periode waarin je hoofd al vol zit met pakjesavonden en verjaardagspret, dat zegt iets. Dat laat zien dat hij niet alleen enthousiast is, maar inmiddels ook een belangrijke speler aan het worden is voor zijn team. En wat ik misschien nog mooier vind dan die doelpunten? De stijgende lijn in het spel van de hele JO7 van ‘Hera’. De jongens worden zichtbaar sterker, spelen samen, durven meer. Daar gun ik ze ieder stukje plezier van.

Maar lieve, stoere Tim — deze ochtend in Stedum was van jou. En opa was trots. Heel trots.

 

Morris – Karakter tonen in de JO9-1

Waar in Stedum de doelpunten om de oren vlogen, ging het er in Velserbroek heel anders aan toe. Morris moest het met zijn teamgenoten opnemen tegen de JO9 van ODIN. Een stevige ploeg, en dat bleek: na een spannend duel werd het uiteindelijk 3-3 op het complex van VSV.

Rond de middag kwam het vaste ritueel: even bellen met opa. Wedstrijd nabespreken. Kleine details analyseren. En bovenal horen hoe hij zich voelde. Want dat is vaak het belangrijkste. Wat uit dat telefoontje sprak, was dat Morris steeds meer zijn draai begint te vinden in de JO9-1. En ik durf dat , met mijn kennis die ik als opa heb van jeugdvoetbal, wel stellig te zeggen: ook mijn oudste kleinzoon maakt stappen. Grote stappen zelfs.

Want laten we eerlijk zijn: de overgang van JO9-2, uitkomend in de derde klasse, naar JO9-1 in de eerste klasse, is niet zomaar iets. Dat is twee niveaus hoger, sneller, feller, technischer. Je moet karakter tonen. Niet opgeven. En zoals ik altijd zeg: opgeven is voor talentloze voetballers — en dat is Morris zeker niet.

Hij is een streber, en dat bedoel ik alleen maar positief. Iemand die iets goed wil doen, die vooruit wil. En juist daarom was het in het begin best pittig voor hem. Iets vaker wissel staan dan gehoopt doet wat met een jongen van acht. Maar hoe mooi is het dan om te zien dat hij niet wegloopt, niet verzandt in teleurstelling, maar doorgaat. Blijft trainen. Blijft willen en blijft geloven.

Nu de tweede fase van de competitie op zijn einde loopt, is hij geen ‘nieuwe jongen’ meer. Hij ís speler van de JO9-1. Mooi te horen hoe hij zich tussen zijn teamgenoten beweegt. En dat heeft hij helemaal zelf afgedwongen. De laatste drie wedstrijden behoort hij bovendien telkens tot de doelpuntenmakers. En ze hebben die drie duels niet verloren. En ja, iedereen mag ervan vinden wat hij wil, maar ook bij jongens van acht draait het daar tóch om. Niemand staat op het veld om maar wat aan te rommelen. Winnen of niet verliezen geeft plezier, vertrouwen en trots. Dat mag ook gewoon gezegd worden. En Morris? Die groeit. Elke week een beetje meer.

Tot slot

Twee kleinzoons, twee totaal verschillende zaterdagen, maar allebei gevuld met euforie. De één door zeven doelpunten en spelvreugde in de JO7. De ander door karakter, doorzetten en groeien op een hoger niveau in de JO9-1. En ik? Ik mocht toekijken, luisteren, schrijven, en vooral trots zijn. Want dit digitale plakboek gaat over voetbal, jazeker, maar eigenlijk nog veel meer over opgroeien. Over leren. Over lef. Over plezier. Over kleine successen die straks misschien grote herinneringen blijken te zijn. En zaterdag 6 december was weer zo’n dag die een mooie bladzijde verdient.