Drie maanden geleden

Geschreven door Johan Staal op . Geplaatst in Even na praten


Het was woensdag 18 maart, iets meer dan drie maanden geleden, dat ik als Walking Footballer weer eens op een voetbalveld had gelopen. Een periode van inactiviteit die niet zomaar uit de lucht kwam vallen, maar het gevolg was van een samenloop van omstandigheden die elkaar ongelukkig opvolgden.


oldstars


Volgens mij was het woensdag 17 december dat ik voor de laatste keer mijn voetbalschoenen aantrok. Daarna volgde een periode waarin werkelijk alles tegen leek te zitten. De feestdagen zorgden voor een onderbreking van het ritme, een medische ingreep voor Martine , winterse omstandigheden maakten de velden minder aantrekkelijk en soms zelfs onbespeelbaar, en zoals bijna elk jaar speelde ook een hardnekkige longontsteking weer op. Alsof dat nog niet genoeg was, kreeg ik ook nog te maken met een blessure die me dwong om het rustig aan te doen. En dan was er ook nog steeds die, in mijn ogen onterechte, afdracht aan de KNVB die bij mij niet bepaald motiverend werkte. Alles bij elkaar opgeteld leidde het ertoe dat ik drie maanden lang geen bal had aangeraakt op het veld.

Toch kwam er uiteindelijk weer licht aan het einde van de tunnel. Op dinsdag kreeg ik groen licht van de fysiotherapeut, nadat zij mijn blessure grondig had behandeld en beoordeeld. Dat was het zetje dat ik nodig had. De volgende dag, woensdag, stapte ik in de auto richting Bedum voor mijn eerste training van 2026. Met toch wel een klein beetje spanning, want na zo’n lange periode weet je nooit precies hoe het lichaam zal reageren.

Eenmaal aangekomen viel direct op dat de groep behoorlijk groot was. Dat had, zo begreep ik, mede te maken met het mooie weer. De zon liet zich zien en de temperatuur was aangenaam, en dat lokt nu eenmaal meer spelers naar het veld. De zogenoemde ‘mooiweer-voetballers’ waren weer van de partij. En eerlijk is eerlijk, daar kan ik me wel iets bij voorstellen. Want laten we wel wezen: voetballen is toch een stuk aantrekkelijker als je niet staat te verkleumen. Anders kies ik zelf ook sneller voor de warmte en het comfort van de sportschool.

Die woensdag stond er een stagiaire voor de groep als trainer. Rawan, zo meen ik dat hij heette. Hij had een aantal oefeningen voorbereid en liet ons daar enthousiast mee aan de slag gaan. De eerste oefening was wat stroef en leek niet helemaal uit de verf te komen, maar dat lag waarschijnlijk meer aan ons dan aan hem. De tweede oefening was al een stuk leuker en liep ook beter. Je merkte dat we langzaam weer een beetje in het ritme kwamen, al bleef het allemaal nog wat onwennig.

Gelukkig had Rawan goed door waar het bij Walking Football uiteindelijk om draait: het spelen van partijtjes. Dat is en blijft de hoofdmoot, het moment waarop alles samenkomt en waar iedereen het meest van geniet. Na de oefeningen schakelden we dan ook al snel over naar wedstrijdvormen.

En daar werd meteen duidelijk wat drie maanden zonder voetbal met je doen. Mijn ritme was ver te zoeken. Aannames die normaal gesproken vanzelf gaan, waren nu onnauwkeurig. Het passen miste scherpte en het overzicht was er simpelweg nog niet. En dan druk ik me nog voorzichtig uit. Het voelde alsof ik weer helemaal opnieuw moest beginnen.

Dat besef bracht ook meteen een duidelijke boodschap met zich mee: de komende weken staan volledig in het teken van optrainen. Niet alleen conditioneel, maar ook qua techniek en spelinzicht. En misschien nog wel belangrijker: het weer wennen aan het bewegen, het versnellen en draaien, zelfs binnen de beperkingen van het Walking Football. Want ook zonder rennen vraagt het spel nog steeds om alertheid en timing.

De partijtjes zelf verliepen in het begin niet bepaald succesvol voor ons team. De eerste twee wedstrijden gingen verloren en dat was niet alleen te wijten aan individuele fouten, maar vooral aan het gebrek aan samenhang. We speelden te ver uit elkaar, waardoor het lastig werd om elkaar te bereiken met passes. Er zat simpelweg geen structuur in ons spel.

Na die twee verliespartijen was het duidelijk dat er iets moest veranderen. We besloten compacter te gaan spelen, dichter bij elkaar te blijven en het spel eenvoudiger te houden. Minder risico, meer controle. En dat wierp zijn vruchten af. In de derde partij zag je meteen verschil. De lijnen waren korter, de passes kwamen beter aan en er ontstond meer rust in het spel.

Het resultaat liet dan ook niet lang op zich wachten. We wisten de derde wedstrijd overtuigend te winnen. Niet omdat we ineens veel beter waren geworden, maar omdat we slimmer speelden en ons beter aanpasten aan de situatie. Dat gaf niet alleen een goed gevoel, maar ook vertrouwen voor de komende trainingen.

Uiteindelijk stapten we allemaal met een voldaan gevoel van het veld. Het was misschien nog niet perfect, verre van zelfs, maar de eerste stap was gezet. En soms is dat het belangrijkste: gewoon weer beginnen.