Aanstellingen scheidsrechters: neutraliteit is geen bijzaak

Geschreven door Johan Staal op . Geplaatst in Columns

Wanneer je, zoals ik, in de weekenden met minimaal twaalf aan trainers telefonisch contact hebt , ja, ik ben nog altijd van het ouderwetse persoonlijke contact , dan hoor je nog eens wat. Verhalen uit de kleedkamer, langs de lijn, van bestuurskamers en soms uit de kroeg na afloop. Meestal neem je het met een korrel zout, want emotie hoort nu eenmaal bij het voetbal. Maar af en toe hoor je iets waarvan je denkt: dit kan toch niet waar zijn?
johan 1
Een paar weken geleden speelde in Zoutkamp de wedstrijd Zeester tegen Rood Zwart Baflo. Op zichzelf geen duel waar landelijk de schijnwerpers op staan, maar in de regio leeft het. Wat mij opviel was de aanstelling van de scheidsrechter: een jonge arbiter uit Emmen. Een afstand van zo’n 170 kilometer in totaal. Dat is niet niks voor een amateurwedstrijd, maar tegelijkertijd kun je zeggen: neutraler ga je het niet krijgen. De man was nog nooit in Zoutkamp geweest en had ook Rood Zwart Baflo niet eerder gefloten. Fris, onbevangen en zonder historie. Precies zoals je het eigenlijk wilt zien. Zet dat eens af tegen het verhaal dat ik vandaag hoorde.

Ergens in het oosten van de provincie, laat ik bewust geen namen noemen, stond een wedstrijd op het programma tussen twee ploegen die tot over hun oren in de degradatiestrijd zitten. Wedstrijden waarin elk punt telt, waarin spanning voelbaar is vanaf de warming-up en waarin één beslissing het verschil kan maken tussen hoop en wanhoop. Juist dán verwacht je dat er extra zorgvuldig wordt gekeken naar de aanstelling van een scheidsrechter. Maar wat bleek? De arbiter in kwestie woonde op ongeveer vijftien kilometer van het sportpark. Vijftien kilometer. Laat ik direct duidelijk zijn: het gaat mij niet om de integriteit van die scheidsrechter. Ik ga er, net als iedereen, vanuit dat elke arbiter zijn best doet en een wedstrijd zo eerlijk mogelijk wil leiden. Respect voor scheidsrechters staat bij mij voorop. Zonder hen geen voetbal. Maar neutraliteit gaat bij mij verder. Wanneer een scheidsrechter mensen binnen de club bij de voornaam kent, grapjes maakt voor de wedstrijd en hier en daar bijna een schouderklopje of omhelzing uitdeelt, dan gaat het schuren. Dat zogenaamde “popie-jopie”-gedrag, en ja, ik gebruik die term bewust , zorgt ervoor dat het gevoel van eerlijkheid onder druk komt te staan. Niet per se omdat er daadwerkelijk partijdig gefloten wordt, maar omdat het er simpelweg niet meer neutraal uitziet. En dat gevoel is funest.

Voetbal is emotie. Spelers, trainers en supporters zoeken naar verklaringen wanneer het tegenzit. Als er dan ook nog twijfel ontstaat over de onpartijdigheid van de leiding, dan heb je de poppen aan het dansen. Dan worden beslissingen niet meer gezien als menselijke fouten, maar als bewuste keuzes. En daar begint de ellende.

Het contrast met de wedstrijd in Zoutkamp kan bijna niet groter zijn. Daar reed een jonge scheidsrechter een flink stuk om juist elke schijn van partijdigheid te vermijden. Hier wordt iemand praktisch uit de achtertuin geplukt voor een wedstrijd waar de belangen enorm zijn. Dan vraag ik me af: waar zit de logica?

We leven in een tijd waarin met één druk op de knop alle aanstellingen worden gegenereerd. Efficiënt, snel en overzichtelijk. Maar misschien is dat precies het probleem. Want voetbal is geen ‘druk op de knop-spel’ Niet elke wedstrijd is hetzelfde en niet elke situatie vraagt om dezelfde aanpak. Juist in de laatste fase van het seizoen, wanneer de belangen het grootst zijn, zou er meer maatwerk moeten zijn. Laat een scheidsrechter desnoods vijftig kilometer rijden. Of zestig. Of zeventig. Het gaat niet om het gemak van de aansteller, het gaat om het gevoel van eerlijkheid op het veld. Want laten we eerlijk zijn: als zelfs neutrale toeschouwers al een “rare smaak in de mond” krijgen bij het zien van dit soort situaties, hoe moet dat dan zijn voor spelers en trainers? Het is geen pleidooi tegen lokale scheidsrechters. Integendeel. Zij vormen de ruggengraat van het amateurvoetbal en verdienen alle waardering. Maar er is een verschil tussen een wedstrijd zonder grote belangen en een beladen duel waarin degradatie op het spel staat. In dat laatste geval moet je simpelweg geen risico nemen. Misschien is het een idee om vanaf 1 april – wanneer de competitie zijn ontknoping nadert, andere richtlijnen te hanteren. Zorg voor grotere afstanden tussen woonplaats en wedstrijd. Vermijd bekende gezichten. En kies, waar mogelijk, voor arbiters zonder historie met de betrokken clubs. Niet omdat scheidsrechters niet te vertrouwen zijn, maar omdat voetbal vraagt om geloofwaardigheid. En geloofwaardigheid begint bij de basis: het gevoel dat iedereen met gelijke kansen aan de aftrap verschijnt. Ook als het om de man met de fluit gaat.